Inleiding Effectief debatteren
In het boek "Effectief debatteren" illustreren debatprof Peter van der Geer en wereldkampioen Sharon Kroes van voorbereiding tot en met uitvoering alle technieken, tips en trucs met levendige voorbeelden uit de praktijk. Zo zorgt u dat niets of niemand u meer kan verrassen. Leer van Obama, Pechtold, Wilders, Shell en Greenpeace.
Op de volgende pagina's vindt u een aantal persoonlijke leermomenten die ik heb gehaald uit dit boekje.
Debating for dummies
- Voordat u gaat spreken; glimlach alsof u bekenden ziet
- Begin ontspannen: “Hebt u het al gelezen in de krant?” Zo stelt u iedereen op het gemak
- Citeer grote namen: Obama, Clingendael, NRC, enz.
- Beweeg heel rustig als u spreekt. Zo stijgt uw autoriteit tot grote hoogte.
- Cijfers moet je zien: 120000 is 3x De Kuip
- Zoek met uw stem de bas en het tempo van burgemeester Opstelten
- Tegenargumenten? Negeer ze met mate, u hebt nog meer te doen.
- Alles mag in hokjes, behalve uzelf. “Wat u beweert, zeggen ze in België ook.”
- Zijn uw argumenten op, herhaal ze. Sociaal en sterk, sterk en sociaal.
- Schud ook na afloop de handen van de andere deelnemers.
Opbouw van een speech
Geef eerst de argumenten, dan uw standpunt.
Argumenten versterken:
- Onbetwistbare feiten
- Harde cijfers
- Sprekende voorbeelden
- Krasse vergelijkingen
- Echte gevoelens
De opbouw van een speech: State, EXplain and Illustrate (Sexi)
Let op: By persuading others we convince ourselves. Test voordurend standpunt wat u er zelf van vindt.
Positie van de handen
Bij het houden van een speech is de positie van de handen heel belangrijk.
- Als u begint met spreken: handen open in lijn met uw schouder.
- Als u iets uitlegt: hand(en) open alsof u voelt dat het regent.
- Als u iets duidelijk wilt stellen: opgeheven vinger (of twee of drie vingers).
- Als u precieze details geeft: toppen van de duim en vingers bijeen.
- Als u krachtig wilt reageren: vuist.
- Als u zelfvertrouwen wilt uitstralen: tien vingertoppen tegen elkaar.
- Als u iets positiefs verwacht: handen wrijven.
Hoe wordt betoog stelliger
- Spreek in de tegenwoordige tijd.
- Formuleer niet impliciet: het gaat slecht i.p.v. het gaat niet best
- Formuleer actief i.p.v. passief: ik zet me 100% in voor duurzaamheid i.p.v. ik ben voor duurzaamheid.
- Formuleer zonder voorbehoud: dat klopt i.p.v. dat klopt misschien.
- Generaliseer niet, personaliseer.
Mensen beïnvloeden
De zes beïnvloedingsprincipes:
- Als er één schaap over de dam is …
- Als het CPB het zegt …
- Dat is nogal wiedes!
- Nu of nooit!
- Natuurlijk begrijp ik u …
- Voor wat … hoort wat.
Overtuigen is zorgen dat mensen aanhaken, niet afhaken:
- Laat niet merken dat u uzelf hoort praten: “Zoals ik al zei …”, “Nogmaals…”, “Ik zal het nog een keer herhalen.”
- Plak niet alles achteloos aan elkaar: “En verder …”, “En bovendien …”, “Daarnaast …” en “Overigens …”. Werk naar een climax.
- Refereer nooit aan de tijd, kijk zelfs niet op uw horloge. Dat komt over als desinteresse.
De volgende zinsneden niet gebruiken in een speech of reactie:
- “Toch ben ik van mening dat …” Suggereert dat u vanuit het defensief spreekt.
- “Eigenlijk vind ik dat het niet kan …” Laat ruimte open voor twijfel.
- “Als ik even mag inhaken …” Als iets belangrijk is heeft u alle tijd.
- “Het gaat om een stukje beleving.” Met stukjes en beetjes kalft uw betoog af.
(Reactie op) een interruptie
Een goede interruptie snijdt altijd slechts één punt aan. Zo kan de ander maar op één punt reageren, uw punt.
Wordt u zelf regelmatig onderbroken, dan zijn er de volgende orde mogelijkheden:
- U bewaakt zelf de orde. “Volgens mij heb ik het woord en ik ben nog niet klaar.”
- U roept de hulp van de voorzitter in: “Meneer de voorzitter, mag ik even mijn betoog afmaken?”
- U beroept zich op het publiek: “Het is voor de mensen in de zaal niet meer te volgen als u mij steeds onderbreekt.”
Socratisch principe: Socrates heeft een broertje dood aan mensen die zich verschuilen achter de opinie van anderen. Hij vraagt net zo lang door tot hij erachter komt wat iemand zelf denkt. Refereer aan het socratisch principe: denk zelf, je mag je alleen beroepen op wat je zelf denkt.
Als u wordt aangevallen, kies dan voor de uitleg en niet voor de verdediging.
Bent u het oneens met de oplossing voor een probleem? Maak het probleem groot en houd de oplossing van de ander zo klein mogelijk
Vragen stellen aan de hand van (extreme) standaardgeschilpunten:
- Wat is eigenlijk het probleem?
- Wat is de oplossing van de opponent?
- Waarom is deze oplossing niet de beste oplossing?
- Wat is uw oplossing?
- Waarom is deze beter?
Drogredenen en de reactie daarop
Vaak worden in discussies drogredenen gebruikt, hieronder een aantal drogredenen en de reactie daarop.
- Drogreden van non-anticipatie: alles is al een keer gezegd en bedacht, zo niet dan klopt er iets niet.
Reactie: Prestaties uit het verleden zijn geen garantie voor de toekomst.
- Drogreden van de a priori: ik heb een principe en de feiten die daarmee strijdig zijn veeg ik onder het tapijt.
Reactie: Laten we even stilstaan bij de kern.
- Drogreden van de vergiftigde bron: Wie verstandig is, zegt bepaalde zaken niet.
Reactie: Mag ik u dan een domme vraag stellen.
- Drogreden van het grote getal.
Reactie: Wat de meeste mensen beweren is niet per sé juist.
- Drogreden ‘Argumentum ad lazarum’: aan de onderste sport van de sociale ladder hebben ze meer gezond verstand dan bovenaan.
Reactie: Noem een eigen persoon onderaan de ladder.
- Genetische drogreden: wantrouwen voor de bron leidt tot wantrouwen voor argument
Reactie: Weerlegt u dan eens hun argumenten.
- Drogreden ‘Argumentum ad ignorantiam: als we iets niet kunnen onderbouwen is het tegendeel waar.
Reactie: Begin te onderzoeken in hoeverre de stelling wel is onderbouwd.
- Drogreden twee keer min is plus: Geen geld geven omdat anderen het ook niet doen.
Reactie: Als de ander van de brug springt, doet u dat dan ook.
- Drogreden ‘Turning the tables’ wordt met dezelfde argumenten het tegenovergestelde standpunt ingenomen.
Reactie: Waarom doet u het dan niet?
|